Leuke ondernemer: Dianne Kersten

Bedrijf: éénPK Paardenpraktijk Kersten in Nunspeet

Expertise: Paarden, behandeling van wonden en gebitsverzorging en behandeling

Opleiding: Diergeneeskunde faculteit Utrecht

Werkervaring: Sinds 1996, afgestudeerd dierenarts landbouwhuisdieren (incl. paard)

Werkgevers: Waarnemingen, Dierenartspraktijk de Delta Maasland, DGC Nunspeet,       ZZP-er

Fijnste pony: Claudia

Website: www.eenpk.nl

Dianne is al geruime tijd de vaste paardenarts bij de FIRA stoeterij. Onlangs was het weer tijd voor de reguliere gebitscheck. Dianne vond tijd om met ons bij te praten over haar beroep, zodat we jullie enthousiasme voor het vak van paardenarts kunnen aanwakkeren. Maak kennis met Dianne Kersten en haar bedrijf éénPK Paardenpraktijk.

Waar ontstond jouw passie voor diergeneeskunde en specifiek ook paarden?

‘Ik ben opgegroeid in Beek Ubbergen. Mijn ouders hadden daar evenals in Nijmegen een banketbakkerij, “Edelbanketbakkerij Frans Kersten”, een zogenaamde Gulden Smaeck banketbakker voor de echte fijnproever. Ik herinner me dat ik van jongs af aan altijd met beesten thuis kwam en ik wilde niets liever dan paardrijden. Rond mijn zevende ben ik bij een manege gaan rijden en op mijn veertiende kwam daar, vanwege een éénmalig goed gemiddeld rapportcijfer, mijn eerste eigen pony. Claudia heette ze, een half Arabische vosmerrie. Claudia is meer dan twintig jaar in onze familie geweest, we hebben ontzettend veel plezier aan haar gehad. Haar pensioen heeft ze hier bij mij thuis in Doornspijk mogen doorbrengen, dat was wel heel speciaal.’

‘Ik denk dat voor veel mensen diergeneeskunde een droom is, alleen is het helaas niet voor iedereen weggelegd. Vroeger al helemaal niet! Ik heb gelukkig het geluk en doorzettingsvermogen gehad om het hele traject af te ronden. Daarmee ging mijn lang gekoesterde wens in vervulling, een goede mix van praktijkcasussen en veel kennis opdoen. Ik heb gekozen voor de richting Landbouw Huisdieren omdat paarden daar destijds onder vielen en ik niet de hele dag binnen wilde zijn, zoals bij Kleine Huisdieren het geval is. Paardrijden en studeren vond ik trouwens lastig te combineren, hetzelfde geldt voor paardrijden en het uitoefenen van een beroep als dierenarts. Ik mis het paardrijden niet, want in mijn werk ben ik toch altijd met paarden bezig.’

Hoe heb je de opleiding ervaren?

‘Sinds mijn afstuderen is de opleiding Diergeneeskunde wel veranderd en anders ingericht. Toen was er nog geen specifieke specialisatie voor paarden. En ja, het was een lang traject waarbij de eerste jaren met weinig practica me zeker nog bijstaan. Die eerste jaren was het echt stampen van theorie, chemie, biologie, celfysiologie en al dat zonder contact met echte dieren. De huidige opleiding biedt veel meer keuzemogelijkheden en veel meer praktijkopleiding en ook zelfstudie. De kennis wordt nu overgebracht vanuit een dierlijke casus, vanuit daar gaan studenten nu de diepte in qua pathofysiologie en celfysiologie. Ik heb veel van mijn kennis na het behalen van mijn diploma, in de praktijk moeten opdoen.  

Wanneer besloot je een eigen bedrijf te starten?

‘Ik werkte hier in Nunspeet in een gemengde praktijk. Toen deze praktijk opgesplitst werd kwam daar het keuzemoment om alleen verder te gaan in een paardenpraktijk of als combinatie door te gaan met Landbouw Huisdieren. Mijn hart ligt echt bij paarden, dus die keuze was voor mij makkelijk te maken. Inmiddels heb ik ook mijn netwerk hier opgebouwd en merk ik dat er echt behoefte is aan een arts gespecialiseerd in paarden. Naast paarden behandel ik trouwens nog wel wat “hobby-vee”, zoals ik het zelf noem. Denk aan ezels, alpaca’s, schapen, geiten, hangbuikzwijntjes en dat soort dieren.’

Hoe ziet een gemiddelde werkdag er voor jou uit?

‘Voor 8:30 uur probeer ik soms al wat merries te scannen. Ik heb in de ochtend van 8:30 uur tot 9:00 uur telefonisch spreekuur. Ik bepaal dan welke paarden bezocht kunnen worden, waarna ik vanaf 9:00 uur tot zo’n 17:00 uur visites rijd. Mijn werk is voornamelijk mobiel, dus ik ben veel onderweg. Daarnaast moeten ook administratieve werkzaamheden uitgevoerd worden, zoals het klaarzetten van medicatie, het doen van bestellingen en het invoeren van facturen. Verder heb ik natuurlijk ook nog avonddiensten of weekenddiensten. Inhoudelijk is mijn werk geen dag hetzelfde, al zie je wel veel voorkomende behandelingen en casussen in een bepaald seizoen, zoals nu met inseminatie, bevallingen en het scannen. Grote operaties zoals een koliekoperatie doe ik niet. Als ZZP-er is dat niet mogelijk, voor deze ingrepen verwijs ik door naar grote klinieken als Utrecht, Emmeloord en Bodegraven. Met de klinieken in Wapenveld en Heerde heb ik ook een heel nauwe en fijne samenwerking.’

Wat vind je het leukste aan jouw werk?

‘Ik denk dat dit een antwoord is dat door veel dierenartsen gegeven zal worden, maar ik werk gewoon heel graag met dieren en ook hun eigenaren. Ik houd van buitenleven en dan voel je toch snel een band met mensen die ook van het buitenleven houden. Verder is het een combinatie van veel variatie, van buiten en hands-on bezig zijn. De natuur heeft altijd wel weer iets nieuws en uitdagends voor me in petto, ik raak nooit uitgeleerd.’

Welke behandeling voer je het liefst uit?

‘Verlossen en nieuw leven op aarde zetten in al de facetten die erbij komen kijken. Het is ontzettend mooi om te kunnen bijdragen aan nieuw leven en dat daarin ook de wetenschap blijft ontwikkelen. Ik volg ook altijd veel bijscholing rondom dit onderwerp. Feit blijft wel dat de hulp van een dierenarts bij een paardenbevalling gelukkig niet vaak nodig is. Vooral bij grote paarden zie ik zelden complicaties, omdat het geboortes van eenlingen betreft en paarden gefokt worden op atletische bouw en exterieur. Vergelijk je dat met schapen (vaak meerlingen) of koeien (vaak naar verhouding te grote kalveren), dan worden dierenartsen bij een bevalling veel vaker ingeschakeld. Soms word ik voor een shetlander opgeroepen, omdat hun hoofd naar verhouding groter is dan de rest van het lijf.’    

‘Verder vind ik het een mooie uitdaging om wonden bij paarden altijd zo fraai mogelijk te herstellen. Wondverzorging en reconstructie zijn essentieel om zo weinig mogelijk zichtbaar letsel over te houden. Ik heb ook een aantal foto's van een casus rondom wondverzorging uitgekozen om te delen. Dit om te laten zien hoe een grote wond toch heel mooi kan genezen met de juiste manier van wondverzorging.' 

'In mijn top drie staat gebitsverzorging op nummer drie. Als ik verder nog kijk naar nieuwe ontwikkelingen binnen paardengeneeskunde, dan zijn dat nieuwe inzichten voor therapie bij revalidatie van gewrichts- en peesblessures.’

Leuk dat je gebitsverzorging aanhaalt. Waar kunnen we een gezond paardengebit aan herkennen?

‘Een paard met een gezond gebit kauwt met een goede zijdelingse excursie, een lekkere maalbeweging. Dit betekent geen open mond of overdreven vorming van speeksel. Een etend paard met een gezond gebit maakt geen proppen van zijn eten. Zeker in de jonge jaren van het paard is het verstandig om het gebit jaarlijks te laten controleren.’

‘De optimale conditie van een paard bereik je door goed te voeren. Dit betekent dat een paard zo’n veertien uur per dag zou moeten kunnen eten van het liefst stengelig voer. Door dat type voer slijten de tanden en kiezen op de goede manier en krijgen paarden ook geen ophoping van maagzuur. Ik pleit voor goede voorlichting aan paardeneigenaren over de juiste conditie van het paardenlichaam. Te vaak zie ik paarden die obees zijn. Ons ideaalbeeld van een paard is een rond paard, maar er zit natuurlijk veel verschil in een door spieren rond gevormd paard of een door vet rond gevormd paard. Ook een paard moet meer bewegen!’

Dokters hebben vaak een patiënt die hen het hele leven bij blijft. Welke paardencasus is dat voor jou?

‘Jazeker, zo’n paard heb ik, ik was net een jaartje afgestudeerd. Dit paard stond op een manege en het arme dier was over de omheining gesprongen en op stenen brugwand blijven hangen waarna hij in de sloot was beland. Het dier had zich echt flink verwond aan de borst. Elk dier verdient een maximale kans om te genezen, dus ook dit paard. Ik ben met een ervaren collega een poos aan het hechten geweest. Tot overmaat van ramp sprongen de hechtingen een week later deels open. Na zo’n half jaar wondverzorging met een op maat gemaakt elastisch borstverband is de wond toch dicht gegroeid. Ik vond het heel bijzonder dat ook een manegepaard alle kansen heeft gekregen en dat het uiteindelijk ook goed gekomen is.’

Hoe zie je jouw bedrijf over 10 jaar? Waar droom je nog van?

‘Ik heb van mijn droom van een grote bloeiende gemengde praktijk mogen genieten. Nu heb ik overzicht vanuit mijn eenmanspraktijk met maatwerk en één op één contact en relaties. Ik denk niet dat ik daar nog veel aan wil veranderen de komende jaren die me nog als paardenarts resten. Het wordt straks ook tijd om een rustiger professioneel vaarwater op te zoeken, kijkend naar de fysieke uitdagingen in dit vak. Die eisen soms best hun tol en het werken met paarden brengt soms ook gevaar met zich mee.’

‘Ik zou best les willen geven op de faculteit of willen werken in de farmaceutische industrie. Als ervaren paardenarts zijn er opties genoeg. Voorlopig mag ik nog even genieten van wat ik het liefst doe.’

 

Lees meer over:






EVENEMENTEN VOOR JOU


Leuke ondernemer: Dianne Kersten

Bedrijf: éénPK Paardenpraktijk Kersten in Nunspeet

Expertise: Paarden, behandeling van wonden en gebitsverzorging en behandeling

Opleiding: Diergeneeskunde faculteit Utrecht

Werkervaring: Sinds 1996, afgestudeerd dierenarts landbouwhuisdieren (incl. paard)

Werkgevers: Waarnemingen, Dierenartspraktijk de Delta Maasland, DGC Nunspeet,       ZZP-er

Fijnste pony: Claudia

Website: www.eenpk.nl

Dianne is al geruime tijd de vaste paardenarts bij de FIRA stoeterij. Onlangs was het weer tijd voor de reguliere gebitscheck. Dianne vond tijd om met ons bij te praten over haar beroep, zodat we jullie enthousiasme voor het vak van paardenarts kunnen aanwakkeren. Maak kennis met Dianne Kersten en haar bedrijf éénPK Paardenpraktijk.

Waar ontstond jouw passie voor diergeneeskunde en specifiek ook paarden?

‘Ik ben opgegroeid in Beek Ubbergen. Mijn ouders hadden daar evenals in Nijmegen een banketbakkerij, “Edelbanketbakkerij Frans Kersten”, een zogenaamde Gulden Smaeck banketbakker voor de echte fijnproever. Ik herinner me dat ik van jongs af aan altijd met beesten thuis kwam en ik wilde niets liever dan paardrijden. Rond mijn zevende ben ik bij een manege gaan rijden en op mijn veertiende kwam daar, vanwege een éénmalig goed gemiddeld rapportcijfer, mijn eerste eigen pony. Claudia heette ze, een half Arabische vosmerrie. Claudia is meer dan twintig jaar in onze familie geweest, we hebben ontzettend veel plezier aan haar gehad. Haar pensioen heeft ze hier bij mij thuis in Doornspijk mogen doorbrengen, dat was wel heel speciaal.’

‘Ik denk dat voor veel mensen diergeneeskunde een droom is, alleen is het helaas niet voor iedereen weggelegd. Vroeger al helemaal niet! Ik heb gelukkig het geluk en doorzettingsvermogen gehad om het hele traject af te ronden. Daarmee ging mijn lang gekoesterde wens in vervulling, een goede mix van praktijkcasussen en veel kennis opdoen. Ik heb gekozen voor de richting Landbouw Huisdieren omdat paarden daar destijds onder vielen en ik niet de hele dag binnen wilde zijn, zoals bij Kleine Huisdieren het geval is. Paardrijden en studeren vond ik trouwens lastig te combineren, hetzelfde geldt voor paardrijden en het uitoefenen van een beroep als dierenarts. Ik mis het paardrijden niet, want in mijn werk ben ik toch altijd met paarden bezig.’

Hoe heb je de opleiding ervaren?

‘Sinds mijn afstuderen is de opleiding Diergeneeskunde wel veranderd en anders ingericht. Toen was er nog geen specifieke specialisatie voor paarden. En ja, het was een lang traject waarbij de eerste jaren met weinig practica me zeker nog bijstaan. Die eerste jaren was het echt stampen van theorie, chemie, biologie, celfysiologie en al dat zonder contact met echte dieren. De huidige opleiding biedt veel meer keuzemogelijkheden en veel meer praktijkopleiding en ook zelfstudie. De kennis wordt nu overgebracht vanuit een dierlijke casus, vanuit daar gaan studenten nu de diepte in qua pathofysiologie en celfysiologie. Ik heb veel van mijn kennis na het behalen van mijn diploma, in de praktijk moeten opdoen.  

Wanneer besloot je een eigen bedrijf te starten?

‘Ik werkte hier in Nunspeet in een gemengde praktijk. Toen deze praktijk opgesplitst werd kwam daar het keuzemoment om alleen verder te gaan in een paardenpraktijk of als combinatie door te gaan met Landbouw Huisdieren. Mijn hart ligt echt bij paarden, dus die keuze was voor mij makkelijk te maken. Inmiddels heb ik ook mijn netwerk hier opgebouwd en merk ik dat er echt behoefte is aan een arts gespecialiseerd in paarden. Naast paarden behandel ik trouwens nog wel wat “hobby-vee”, zoals ik het zelf noem. Denk aan ezels, alpaca’s, schapen, geiten, hangbuikzwijntjes en dat soort dieren.’

Hoe ziet een gemiddelde werkdag er voor jou uit?

‘Voor 8:30 uur probeer ik soms al wat merries te scannen. Ik heb in de ochtend van 8:30 uur tot 9:00 uur telefonisch spreekuur. Ik bepaal dan welke paarden bezocht kunnen worden, waarna ik vanaf 9:00 uur tot zo’n 17:00 uur visites rijd. Mijn werk is voornamelijk mobiel, dus ik ben veel onderweg. Daarnaast moeten ook administratieve werkzaamheden uitgevoerd worden, zoals het klaarzetten van medicatie, het doen van bestellingen en het invoeren van facturen. Verder heb ik natuurlijk ook nog avonddiensten of weekenddiensten. Inhoudelijk is mijn werk geen dag hetzelfde, al zie je wel veel voorkomende behandelingen en casussen in een bepaald seizoen, zoals nu met inseminatie, bevallingen en het scannen. Grote operaties zoals een koliekoperatie doe ik niet. Als ZZP-er is dat niet mogelijk, voor deze ingrepen verwijs ik door naar grote klinieken als Utrecht, Emmeloord en Bodegraven. Met de klinieken in Wapenveld en Heerde heb ik ook een heel nauwe en fijne samenwerking.’

Wat vind je het leukste aan jouw werk?

‘Ik denk dat dit een antwoord is dat door veel dierenartsen gegeven zal worden, maar ik werk gewoon heel graag met dieren en ook hun eigenaren. Ik houd van buitenleven en dan voel je toch snel een band met mensen die ook van het buitenleven houden. Verder is het een combinatie van veel variatie, van buiten en hands-on bezig zijn. De natuur heeft altijd wel weer iets nieuws en uitdagends voor me in petto, ik raak nooit uitgeleerd.’

Welke behandeling voer je het liefst uit?

‘Verlossen en nieuw leven op aarde zetten in al de facetten die erbij komen kijken. Het is ontzettend mooi om te kunnen bijdragen aan nieuw leven en dat daarin ook de wetenschap blijft ontwikkelen. Ik volg ook altijd veel bijscholing rondom dit onderwerp. Feit blijft wel dat de hulp van een dierenarts bij een paardenbevalling gelukkig niet vaak nodig is. Vooral bij grote paarden zie ik zelden complicaties, omdat het geboortes van eenlingen betreft en paarden gefokt worden op atletische bouw en exterieur. Vergelijk je dat met schapen (vaak meerlingen) of koeien (vaak naar verhouding te grote kalveren), dan worden dierenartsen bij een bevalling veel vaker ingeschakeld. Soms word ik voor een shetlander opgeroepen, omdat hun hoofd naar verhouding groter is dan de rest van het lijf.’    

‘Verder vind ik het een mooie uitdaging om wonden bij paarden altijd zo fraai mogelijk te herstellen. Wondverzorging en reconstructie zijn essentieel om zo weinig mogelijk zichtbaar letsel over te houden. Ik heb ook een aantal foto's van een casus rondom wondverzorging uitgekozen om te delen. Dit om te laten zien hoe een grote wond toch heel mooi kan genezen met de juiste manier van wondverzorging.' 

'In mijn top drie staat gebitsverzorging op nummer drie. Als ik verder nog kijk naar nieuwe ontwikkelingen binnen paardengeneeskunde, dan zijn dat nieuwe inzichten voor therapie bij revalidatie van gewrichts- en peesblessures.’

Leuk dat je gebitsverzorging aanhaalt. Waar kunnen we een gezond paardengebit aan herkennen?

‘Een paard met een gezond gebit kauwt met een goede zijdelingse excursie, een lekkere maalbeweging. Dit betekent geen open mond of overdreven vorming van speeksel. Een etend paard met een gezond gebit maakt geen proppen van zijn eten. Zeker in de jonge jaren van het paard is het verstandig om het gebit jaarlijks te laten controleren.’

‘De optimale conditie van een paard bereik je door goed te voeren. Dit betekent dat een paard zo’n veertien uur per dag zou moeten kunnen eten van het liefst stengelig voer. Door dat type voer slijten de tanden en kiezen op de goede manier en krijgen paarden ook geen ophoping van maagzuur. Ik pleit voor goede voorlichting aan paardeneigenaren over de juiste conditie van het paardenlichaam. Te vaak zie ik paarden die obees zijn. Ons ideaalbeeld van een paard is een rond paard, maar er zit natuurlijk veel verschil in een door spieren rond gevormd paard of een door vet rond gevormd paard. Ook een paard moet meer bewegen!’

Dokters hebben vaak een patiënt die hen het hele leven bij blijft. Welke paardencasus is dat voor jou?

‘Jazeker, zo’n paard heb ik, ik was net een jaartje afgestudeerd. Dit paard stond op een manege en het arme dier was over de omheining gesprongen en op stenen brugwand blijven hangen waarna hij in de sloot was beland. Het dier had zich echt flink verwond aan de borst. Elk dier verdient een maximale kans om te genezen, dus ook dit paard. Ik ben met een ervaren collega een poos aan het hechten geweest. Tot overmaat van ramp sprongen de hechtingen een week later deels open. Na zo’n half jaar wondverzorging met een op maat gemaakt elastisch borstverband is de wond toch dicht gegroeid. Ik vond het heel bijzonder dat ook een manegepaard alle kansen heeft gekregen en dat het uiteindelijk ook goed gekomen is.’

Hoe zie je jouw bedrijf over 10 jaar? Waar droom je nog van?

‘Ik heb van mijn droom van een grote bloeiende gemengde praktijk mogen genieten. Nu heb ik overzicht vanuit mijn eenmanspraktijk met maatwerk en één op één contact en relaties. Ik denk niet dat ik daar nog veel aan wil veranderen de komende jaren die me nog als paardenarts resten. Het wordt straks ook tijd om een rustiger professioneel vaarwater op te zoeken, kijkend naar de fysieke uitdagingen in dit vak. Die eisen soms best hun tol en het werken met paarden brengt soms ook gevaar met zich mee.’

‘Ik zou best les willen geven op de faculteit of willen werken in de farmaceutische industrie. Als ervaren paardenarts zijn er opties genoeg. Voorlopig mag ik nog even genieten van wat ik het liefst doe.’

 

Lees meer over: